zo binnen zo buiten

 

zes dimensies

De Economy Transformers hebben een grondpatroon van verandering geïdentificeerd waarbinnen de economische/ maatschappelijke transitie zich lijkt af te spelen; de zes dimensies. Hieronder zie je een aantal voorbeeld vragen voor elke dimensie die gebruikt kunnen worden om vragenderwijs een initiatief of organisatie meer bewust te maken van de eigen toepassing van de zes dimensies. Is de vorm die je gekozen hebt congruent met de ambities die je hebt, en zijn ze onderling congruent? Kunnen ze je wellicht bewust maken van de transitie stappen die je nog kunt maken? De dimensies kennen elk hun eigen organiserende principe en daarmee begrenzen en bepalen zij elkaar. Op het snijvlak vindt vaak transformatie plaats. Vergaande transitie bereik je in de mate waarin je in staat bent het geheel te doorzien. Elke organisatie zal voor zichzelf de puzzel met antwoorden op de vragen anders leggen en is dus uniek. Daarmee kan het ook niet als model begrepen worden. De vragenlijst dient als handvat en is niet compleet of uitputtend.

Overal waar ik staat kan ook een grotere entiteit gelezen worden. De ander, het bedrijf, de overheid.

 

DIMENSIE UITLEG
 

IK BEN

Deze dimensie omvat de vraag van het ‘waarom’. Wat is onze bestaansgrond, onze identiteit, de relatie met onszelf, onze idealen, onze drijfveren. Alles waarmee ons handelen wordt gevoed en waarmee we als mens ingrijpen in de maatschappelijke realiteit. Maar ook talentontwikkeling, tot je recht komen in je bedrijf. De thema’s raken de mens als persoon maar ook voor elke grotere entiteit kunnen de vragen beantwoord worden.

 

Vragen:

1.     Waarom? Waarom ben jij hier, waarom bestaat je bedrijf?

2.     Waar sta je voor?

3.     Wat is je passie?

4.     Vanuit welke intentie handel je?

5.     Past de taak die je uitvoert bij jou en in je biografie?

6.     Is er ruimte jou talent te ontwikkelen, ruimte voor groei?

7.     Hoe wordt duidelijk dat mensen aansluiten bij de identiteit van het bedrijf? Dat hier een match is tussen persoonlijke en bedrijfsidentiteit?

 

DIALOOG

De manier waarop ik een relatie vormgeef tussen mijzelf en de ander en de communicatie tussen ons beiden, het beeld dat we overbrengen. De denkbeelden achter een initiatief. De verhalen die verteld kunnen worden. Deze dimensie omvat zowel de corporate communicatie als de marketing van het product/dienst.

 

Vragen:

1.     Welke beelden breng ik over?

2.     Vanuit welke emotie communiceer ik (kracht of angst)?

3.     Voelt de ander zich verrijkt met mijn verhaal/product? Zo ja, met wat dan?

4.     Met wie wil ik het gesprek aangaan?

5.     Hoe luister ik naar de ander, welke dialoog breng ik tot stand en hoe?

 

EIGENDOM De manier waarop we eigendom, beheer en gebruiksrecht bepalen en uitvoeren. Het gaat om vertrouwen en veiligheid dat we vinden in deze afspraken, maar er zit ook emotie en een gevoel van eigenwaarde bij.

 

Vragen:

1.     Wie is de eigenaar, dan wel hoe ga je dat vaststellen als het een start up betreft?

2.     Hoe wordt het eigendom omschreven?

3.     Hoe wordt eigendom overgedragen?

4.     Welke rechten geeft het eigendom aan de eigenaar en welke verplichtingen horen daarbij?

5.     Wat heb je nodig aan eigendom, als ondernemer of als mens? Wat is genoeg?

6.     Wat breng je tot stand door eigendom, wat voor consequenties heeft het?

7.     Hoe beheer je wat je hebt? Heb je er verstand van?

8.     Wat geef je door aan de volgende generatie, en hoe?

9.     Bestaat er een redelijke relatie tussen het eigendom en de zaak waar het om gaat?

 

ORGANISEER-VORMEN

De manier waarop we onszelf met elkaar verbinden en onszelf organiseren. Ieder bedrijf / initiatief bepaalt de gewenste organiseervorm. Het gaat hier over posities en functies en de daarbij behorende besluitvormingsprocessen binnen het bedrijf.

 

Vragen:

1.     Hoe ziet jou organisatie van de toekomst eruit?

2.     Hoe ben je nu zelf georganiseerd?

3.     Met wie? Wie doen er mee en met welk doel?

4.     Is er ruimte om kennis te maken met het initiatief en om in te stappen? (geldt voor start ups)

5.     Wie is de baas (formeel/informeel) en wat wordt hiervan gevonden?

6.     Hoe zijn de functies, posities en salarissen verdeeld en bepaald?

7.     Welke besluitvormingsprocessen bestaan er?

8.     Hoe ga je om met macht en inspraak?

9.     Welke ruimte krijgt het persoonlijk ondernemerschap van mensen en waarin uit zich dat?

10.  Hoe is het aanname beleid van mensen en het ontslag?

11.  Hoe ga je om met verantwoordelijkheid en vrijblijvendheid?

 

WAARDEVORMING De economische waarde die we scheppen en de manier waarop we deze met elkaar bepalen. Afstemming van vraag en aanbod, komt wederkerigheid hierin tot uitdrukking, van waarde-keten naar waarde-netwerk. Van geld als doel naar geld en/of andere uitruilsystemen als middel. Het gaat hier niet om morele normen en waarden.

 

Vragen:

1.     Welke waarde wil je toevoegen en wat voeg je nu toe, voor wie?

2.     In hoeverre vervullen de geleverde prestaties de behoeften van de klanten?

3.     Hoe past het productieproces binnen de grenzen van het ecosysteem?

4.     Wat is de tegenwaarde / beloning en hoe komt deze tot stand?

5.     In hoeverre is deze tegenwaarde voldoende om mens, milieu en kapitaal een redelijke tegenprestatie te geven?

6.     Wordt er voor anderen geen waarde vernietigd en zo wel, worden deze dan voldoende gecompenseerd?

7.     In welke keten bevinden jullie je. Hoe geef je daarin vorm aan de wederzijdse afhankelijkheid van elkaar; wordt deze zichtbaar in het handelsproces?

8.     Komt het geld wel bij de juiste personen/instanties terecht?

 

 

AARDE

De manier waarop we de aarde gebruiken als een spiegel voor de werkelijkheid en het effect van onze activiteit. We kijken naar natuurwetten en de tastbare werkelijkheid als input voor de invulling van de andere dimensies; honoreren van cyclische processen zoals leven en dood, natuurlijke groei, afsterven, diversiteit en (natuurlijke grootte van) ecosystemen.

 

Vragen:

1.     In welke wereld wil jij leven over 50 jaar.

2.     Wat is de realiteit waarmee je het nu moet doen? (bedrijfskundig, markt, mensen, branch info enz)

3.     Wat is de kwaliteit van de prestatie die je levert?

4.     Wat zet je om?

5.     Welke waarde voeg jij toe aan het milieu? Op korte en lange termijn?

6.     Welke energie verbruik je en hoe effectief wordt deze ingezet (fysiek, immaterieel).

7.     Hoe levend zou je je bedrijf noemen. Wat is de energiebalans. Komt er meer energie in dan er uit gaat in de vorm van werkdruk, stress, zinloosheid e.d.

8.     Wat is jullie wenselijke bedrijfsgrootte en waarom?

9.     Wat mag afsterven, wat dient zich nieuw aan?

10.  Welke vorm van diversiteit beoog je in je bedrijf en hoe ga je dat realiseren?